Groene Amsterdammer 05/05/2001
Tijd voor weer een revolutie
Rob Muntz en Paul-Jan van de Wint, pioniers van de antitelevisie, namen
afgelopen maand afscheid van de VPRO. Maar geen kwaad woord over de
oudere generatie. Peter Flik prijst ons de hemel in.
door René Zwaap
Zijn
Rob Muntz (1963) en Paul-Jan van de Wint (1962), voorheen bekend van
het satirische vpro-tv-magazine Waskracht!, slachtoffer van een generatieconflict?
Niet echt, vinden ze zelf. Tenminste, het is niet de oudere generatie
van de vpro die hun aanvankelijk zo veelbelovende loopbaan bij de vrijzinnige
in de kiem heeft gesmoord. En, zo stellen ze, jongeren werken
er sowieso niet bij de vpro.
Paul-Jan van de Wint: Peter Flik, de legendarische radiomaker
van de vpro die inmiddels met de vut is, prijst onze programmas
juist hoog de hemel in. Hij vindt ons de ware erfgenamen van de anarchistische
traditie van de vpro, die van Anton Constandse en de zijnen. Wij maken
ontregelende televisie, zoals Flik en de gebroeders Haasbroek in hun
vpro-tijd natuurlijk zeer ontregelende radio maakten. Alleen valt het
bij televisie nu eenmaal wat meer op en is er eerder stront aan de knikker.
Dat hebben de makers van Zo is het toevallig ook nog eens een keer al
in de jaren zestig ondervonden. Wij ervaren het nu.
Rob Muntz: Het was ook Flik die ons op het idee bracht van de
Hitler-act in Wenen. Hij vond dat we iets moesten doen met de overwinning
van Haider in Oostenrijk. Het idee om rond te lopen met een gasfles
met daarop Zyklon B stamde van hem. Trouwens, Flik is niet
de enige vpro-coryfee die ons wel ziet zitten. Rik Zaal vond De tv-dominee
het beste tv-programma van de eeuw.
Muntz Hitler-imitatie was verleden jaar zoals bekend het begin
van het einde van het verblijf van het duo bij de vpro. Met deze bijdrage
aan Waskracht!, waarin Muntz getooid als Hitler de binnenstad van Wenen
onveilig maakte, zorgden Muntz en Van de Wint voor een ware volksopstand
binnen de gelederen van de vpro. Muntz: Er spelen bij de vpro
nogal wat paleisintriges en deze gelegenheid werd dankbaar aangegrepen
om een poging te doen Hans Maarten van den Brink als hoofdredacteur
beentje te lichten. Er werd onder meer geschermd met het feit dat vpro-boegbeeld
Netty Rosenfeld zou hebben gedreigd met haar vertrek als er geen excuses
zouden worden aangeboden. In werkelijkheid, zo bleek ons later, had
Rosenfeld ons programma helemaal niet gezien. Dat vertelde ze ons kort
geleden. Ze bleek ook helemaal niet tegen ons. Ze vroeg ons die avond
zelfs nog om een lift naar huis. Je gaat toch niet in de auto zitten
bij mensen die je verantwoordelijk stelt voor de ondergang van je eigen
omroep?
Na de affaire-Hitler gingen Muntz en Van de Wint tijdelijk op non-actief.
Muntz: Geen hond wilde meer iets met ons te maken hebben. Als
ik s ochtends met de trein naar de vpro kwam, keken al mijn dierbare
collegas demonstratief de andere kant op. Ik was tot non-persoon
verklaard, terwijl ze daarvoor altijd heel genoeglijk met me keuvelden.
De angst regeerde. Het heeft maanden geduurd voordat dat weer een beetje
opklaarde. Kennelijk was iedereen bevreesd voor zijn baantje.
Van de Wint: We werden zeer strikt in de gaten gehouden. Ieder
idee dat we inleverden werd gelijk aan de juridische afdeling voorgelegd
en stap voor stap moesten we weer verantwoording afleggen. Zo werkt
verder echt helemaal niemand bij de vpro. Er is hooguit toetsing achteraf,
voor de rest heerst redactionele vrijheid, zoals het natuurlijk ook
hoort.
Door dreiging met juridische actie dwongen ze af nog drie programmas
voor Waskracht! te mogen maken. Bij de eerste aflevering ging het echter
meteen weer fout. Actualiteitenchef Peter van Ingen, belast met het
toezicht op het duo, eiste dat hun programma De rijdende hufter zou
worden gekuist. In deze persiflage op Pieter Storms Breekijzer
zwaaide Muntz onder meer met een dildo naar een medewerkster van een
bank die weigerde leningen te verstrekken aan de prostitutiebranche
en reikte hij een (ongeladen) pistool uit aan een uitgeprocedeerde asielzoeker.
Van de Wint: Van Ingen vond het allemaal niet ethisch verantwoord
en eiste dat het programma zou worden gekuist. Dat weigerden we, omdat
er volgens ons bij de vpro totale vrijheid dient te zijn voor de makers,
tenminste, zolang er geen zwaarwegende juridische bezwaren zijn.
Muntz: We gingen naar de nieuwe hoofdredactrice, Daniëlle
Lunenborg, maar die weigerde ons te spreken, zoals ze ons sowieso nog
nooit een blik waardig had gevonden. We hebben nog uren voor haar kantoortje
gelegen, wachtend op een kans op een onderhoud. Dat kregen we uiteindelijk,
maar het heeft allemaal niet mogen baten.
Van de Wint: Toen hebben we dus de hele serie teruggetrokken.
Ook onze Grote interprovinciale Oranje quiz, die al geheel gedraaid
was, alsmede een uitzending over de islam, waarin we op geheel eigen
wijze zouden onderzoeken hoe groot de animo is om in Nederland de sharia,
de islamitische wetgeving, in te voeren. Waar we nu heen moeten , weet
ik niet. Kennelijk is er in Nederland nog geen plek voor ons soort televisie.
Nee, naar bnn gaan we ook niet. Daar hebben ze Eddy Zoëy al gehad,
zeiden ze. Over een paar jaar, als Microsoft het tenminste goed vindt,
kan iedereen zelf tv maken via internet. Misschien moeten we daar maar
op wachten. We hebben al een website, www.muntzvandewint.com.
Muntz en Van de Wint ontmoetten elkaar begin jaren negentig. Muntz,
gewapend met een diploma van de Middelbare Detailhandelschool, had een
latente drang om iets met tv te doen. Op aanraden van zijn schoonvader,
die een advertentie had gezien in Privé, meldde hij zich aan
bij Joop van den Ende, toen nog aartsvijand van John de Mol. Door producent
Wim Dröge (onder meer Rad van fortuin) werd hij meteen herkend
als een groot talent in de dop. Na een screentest waaraan drieduizend
kandidaten deelnamen bleef hij met twee anderen over. Hij werd uiteindelijk
productieassistent bij Rad van fortuin en belandde later in de redactie
van Catherine Keijl, waar hij uiteindelijk zou worden ontslagen.
Muntz: Het ging mis bij een programma over vermiste personen.
Ik had advertenties geplaatst waarin mensen worden opgeroepen die al
jaren als vermist staan opgegeven, maar die in werkelijkheid gewoon
zijn ondergedoken om van hun familie af te zijn. Helaas bleek een van
de uitgenodigde gasten zijn verhaal geheel uit de duim te hebben gezogen
en na de uitzending maakte hij dat gelijk heel trots bekend. Catherine
Keijl was not amused. Ze vond dat haar journalistieke integriteit
eronder had geleden. Zo kon ik direct mijn biezen pakken.
Muntz kwam terecht bij de redactie van het alternatieve datingprogramma
De hunkering van Theo van Gogh, alwaar hij uit de eerste hand kennis
opdeed van de geheimen van de totaal smakeloze tv. Dat hij daar bij
de vpro even later zelf furore mee zou maken, kon hij toen nog niet
vermoeden. Ik had eigenlijk niet zo veel met de vpro. Mijn ouders
wel, die waren daar juist helemaal in. Ik begreep eigenlijk nooit waar
de fascinatie voor die gewijde vpro-zondagavond precies vandaan kwam.
Nog steeds niet, eigenlijk.
Paul-Jan van de Wint was al sinds 1991 werkzaam voor de vpro, waar hij
onder meer tekende voor bijdragen aan programmas als Veldpost
Europa en Tv-nomaden. Het klikte meteen tussen de twee. Ze besloten
eerst een communicatiebureau voor bedrijven op te zetten.
Van de Wint: We deden dat samen met een jongen die als editor
bij Van den Ende werkte, eigenlijk de enige van ons die echt wat kon.
Hij zou daar s avonds in de studio onze bedrijfsvideos monteren.
Helaas werd hij gelijk al op de eerste avond gesnapt en onmiddellijk
ontslagen. Daarna zijn we weer naar de vpro gestapt met het idee om
een satirisch actualiteitenmagazine rondom Rob te maken. Ik maakte zuigende,
treiterende items voor Waskracht!, maar met Rob erbij in beeld werd
het opeens een stuk doeltreffender, gevaarlijker ook.
Zo kwam Muntz bij Waskracht! terecht. De eerste aflevering, waarin Muntz
Willibrord Fréquin interviewde door hem tot grote irritatie van
zijn opponent te spiegelen (Muntz: Dat is eigenlijk
het enige trucje dat ik ken), was direct een grote hit. Vervolgens
was het raak met tv-goeroe Emile Ratelband, die zo van de kook raakte
dat hij Muntz voor de camera een knietje gaf. Met het inmiddels
legendarische optreden van Muntz als tv-dominee in Amerika was het helemaal
raak. Van de Wint: Daar waren ze bij de vpro ook heel blij mee,
hoewel een en ander qua formule niet zo gek veel verschilde van de Hitler-act
of De rijdende hufter. De dominee Muntz-show leidde wel tot klachten
van de EO, die ons gek genoeg later nog heeft gepolst of Robs domineeact
niet bij hen kon worden ondergebracht. Helaas heeft Andries Knevel daar
een stokje voor gestoken.
Muntz: Jammer natuurlijk. Anders hadden we kunnen zeggen: kijk,
de EO durft wat de vpro niet durft.
Van de Wint: Wij borduren voort op de traditie van Wim T. Schippers,
het absurde van Barend Servet en Sjef van Oekel, maar gaan daarin ook
verder. Wim T. Schippers deed alles in de studio, wij bedrijven satire
met de werkelijkheid. Dat wordt gewoon niet geaccepteerd door Van Ingen
en de zijnen, dat is zogenaamd niet ethisch. Die vinden dat je mensen
tegen zichzelf in bescherming moet nemen. Misschien ontstaat er nu een
richtingenstrijd binnen de vpro. De programmaraad gaat de zaak onderzoeken.
Wat er bij de vpro speelt, speelt eigenlijk in heel de omroepwereld:
angst, fatsoensrakkerij en grijzemuizenmentaliteit heersen. In die zin
speelt bij ons dan ook geen generatieconflict, het is gewoon een cultureel
verschijnsel. Het is de hoogste tijd voor nog eens een revolutie bij
de vpro, nu niet tegen de dominees, maar tegen de fatsoenstakkers.
Groene Amsterdammer 29/03/2000
HITLER-DRAMA
Belachelijk, puberaal, bijna fascistisch, zo luiden de reacties op de
Hilter-act van Rob Muntz in het tv-programma Waskracht!
Inmiddels zijn Muntz en zijn cameraman Paul Jan van de Wint door de
VPRO op non-actief gesteld. Muntz: Het leek wel een volkstribunaal.
door René Zwaap
ER HEERST IN het bange jaar 2000 een soort verontwaardigingskoorts in
Nederland. De natie verkeert in voortdurende staat van extreme prikkelbaarheid.
De spreekwoordelijke kalmte heeft plaatsgemaakt voor een soort permanente
agitatie, als verkeerde het Koninkrijk in de onzalige periode van die
gevreesde overgang waarover je wel eens in de damesbladen leest. Regelmatig
stuitten we op voorbeelden van een razend om zich heen slaande verontwaardigingsgolf,
waarbij de proporties geheel het uit het oog worden verloren om maar
zo ruim mogelijk baan te kunnen geven aan een schrikwekkende dambreuk
van jarenlang discreet opgekropt onbehagen. Het fatwa-gehalte in het
publieke discours is sinds mensenheugenis niet zo hoog geweest.
Ga maar na: Paul Scheffer schrijft op de opiniepagina in NRC Handelsblad
zijn zoveelste uitgewogen, naar vertrouwd schefferiaans recept opgesteld
enerzijds/anderzijds-stuk over de multiculturele samenleving, en waar
normaal gesproken dan twee ingezonden brieven en anderhalve e-mail zouden
volgen, barst er nu opeens een Balkan-achtig pandemonium van inter-etnisch
onbehagen los. Ajax ontslaat Jan Wouters om iets wat de club al een
jaar lang doet: verliezen. Harry Mulisch schrijft een fraai boekenweekgeschenk
en Freek de Jonge wil het gelijk in brand steken.
De verontwaardigingskoorts gaat zelfs niet voorbij aan het s lands
vermaarde vrijdenkersbastion, de VPRO. Het was verleden week donderdag
spitsroeden lopen voor Rob Muntz en Paul Jan van de Wint, programmamakers
van het tv-programma Waskracht!, toen ze tijdens een speciale
plenaire vergadering in de kantine ter verantwoording werden
geroepen door het voltallige personeel van de VPRO. Het leek wel
een volkstribunaal, aldus Muntz. Er zaten tweehonderd man
met vuur in hun ogen. Het ontbrak er nog maar aan dat er met rotte eieren
en tomaten werd gegooid. Tal van VPRO-kopstukken, onder wie Cherry
Duyns en Wim Kayzer, eisten op hoge toon het onmiddellijke congé
van de twee onverlaten in wier handen het aanzien van hun geliefde omroep
slijk was geworden. Steen des aanstoots was een Hitler-persiflage in
de straten van Wenen, waarmee Muntz op geheel eigen wijze inhaakte op
het Haider-syndroom. In het item zag men Muntz in korte broek en met
Hitler-snor paraderen door de Weense binnenstad, het nieuwe Oostenrijk
groetend met een krachtig Sieg Haider, terwijl hij onder
meer zwarte ballonnetjes, gevuld met Zyklon-B uitdeelde.
In een Weense konditorei bestelde hij met overtuigend hitleriaans
volume een kop koffie en een Sachertorte (Schnell mal oder ich
ergasse sie alle!), deed diverse malen een John Cleese-achtig
Hitler-loopje en liet zich ook nog even in een koetsje rondrijden.
SUBTIEL WAS ANDERS en goede smaak was ver te zoeken - maar daarvoor
zijn de programmas van Muntz en zijn vaste regisseur Van de Wint
dan ook niet bedoeld.
Spiegelen is het enige trucje dan ik ken, heeft Muntz weleens
gezegd, en daar maakt hij dan ook maximaal gebruik van. Hij viel voor
het eerst op toen hij twee jaar geleden uitgedost als Willibrord Fréquin
de gewezen koppenjager van de KRO op fréquinsiaanse wijze begon
te stalken. Fijnbesnaard was anders, effectief was het wel. Later deed
hij hetzelfde met Emile Ratelband, die hem op Schiphol voor het oog
van de camera een knietje gaf. Hoogtepunt was zijn optreden in het epicentrum
van de Amerikaanse bible-belt, waar hij gekleed in lichtgevend
blauw pak en dito gekleurde haren in de huid van een Nederlandse mediadominee
kroop. EO-directeur Andries Knevel ontving honderden brieven van verontruste
kijkers uit Amerika met de vraag of hij zijn collega Muntz kende en
of de VPRO inderdaad een Nederlandse domineesomroep was.
En nu dus Hitler. Niet geheel van relevantie ontbloot, zou je zeggen,
nu vrijwel geheel Nederland Oostenrijk in de ban heeft gedaan. Onmogelijk
kan worden ontkend dat de schim van Hitler de afgelopen maanden permanent
door Oostenrijk heeft rondgetrokken. Muntz gaf daar op geheel eigen
wijze vorm aan, met een stukje absurdistisch straattheater dat zo uit
Monty Python had kunnen komen. Het zag er zo burlesk en
Hollands-boertig uit dat je je nauwelijks kon voorstellen dat iemand
er geshockeerd door zou raken.
DAT LIEP DUS ANDERS. In hun VPRO-programma Het blauwe licht
spraken Anil Ramdas en Stephan Sanders schande van Muntz optreden.
Belachelijk, vonden zij het, irrelevant schuifdeurentoneel, puberaal,
gewoon niet leuk, bijna fascistisch. De VPRO-directie maakte onmiddellijk
na die uitzending van Het blauwe licht een knieval en bood
haar excuses aan voor het programma, dat niet in deze vorm had
mogen worden uitgezonden. In de Volkskrant sprak VPRO-opperhoofd
Jan Blokker schamper over de strapatsen van Muntz. Bij Zo is het...
werden vroeger tenminste nog echt taboes opengebroken, mijmerde de veteraan
der Hollandse satire. Tijdens de ingelaste noodvergadering toonden de
VPRO-collegas zich vooral geshockeerd over het onderdeel waarin
Muntz tijdens zijn act werd gefilmd terwijl op de achtergrond drie orthodoxe
joden passeerden, het onderdeel waarover ook Het blauwe licht-duo
was gevallen. Plotseling heette het dat Muntz joden had opgejaagd.
Regisseur Van de Wint verzekerde dat daar geen sprake van was geweest.
De drie bewuste passanten hadden alleen de camera gemeden omdat het
sabbat was. Door de cameravoering was alleen de suggestie gewekt. Deze
uitleg mocht echter niet baten. Voorgegaan door Eelco Meuleman, eindredacteur
van Hanneke Groentemans zondagmiddagshow, eiste een overweldigende meerderheid
van het VPRO-personeel per direct beëindiging van de werkzaamheden
van het Waskracht!-duo. De meute dreigde eerst ook de hoofden van Waskracht!-eindredacteur
Hans Flupsen en van hoofdredacteur Hans-Maarten van den Brink te willen
zien rollen. Voor de zoveelste keer dreigde een paleisrevolutie. Maar
uiteindelijk nam men genoegen met de mededeling van de leiding dat Muntz
en Van der Wint onverwijld van het zendprogramma zouden worden afgevoerd.
Hetgeen geschiedde. Het Waskracht!-duo is op non-actief gesteld en als
hun jaarcontract straks afgelopen is, zijn zij waarschijnlijk transfer-vrij.
Jongerenomroep BNN van Bart de Graaff toonde reeds belangstelling. We
kunnen straks overal naar toe, weet Muntz. Alleen is het
verdomd jammer, want wij horen toch bij de VPRO, wij zijn de VPRO, maar
dan wel in de traditie van Anton Constandse, en niet de VPRO van de
politiek-correcte dominees van tegenwoordig. Ik heb ondertussen al meer
dan tweehonderd e-mails binnengekregen over de Hitler-show. Vijftig
procent spreekt schande van mijn optreden, de andere helft zegt te hebben
genoten. Er zijn zelfs mensen die hun VPRO-lidmaatschap willen opzeggen
als ze ons op straat zetten. Dan hebben we toch een goed programma gemaakt,
denk ik dan.
HET MEEST IRONISCHE van alles is wel dat de tegenstanders van Muntz
precies dezelfde termen hanteren die ze vroeger bij de VPRO in vloedgolven
tegelijk binnenkregen als Sjef van Oekel en Fred Haché weer eens
op het scherm waren geweest. Maar die kwamen toen allemaal van buiten.
Nu is het intern. Aint it funny how the time goes,
zong Chet Baker al.