BLVD maart 2005

Ze willen allebei het omroepbestel veranderen. Robbie Muntz met provocatieve programma’s, Anna Visser als directeur van De Nieuwe Omroep Nutopia.

Het heeft heel wat voeten in de aarde gehad voor er eindelijk een afspraak was.

Robbie Muntz was zo druk bezig met zijn nieuwe programma dat hij weinig tijd had om Amsterdam te verlaten en Anna Visser, woonachtig in Rotterdam, zag onmogelijk kans om naar Amsterdam te komen. Maar ze wilden elkaar wel graag ontmoeten, dus na eindeloos telefoon- en e-mailverkeer werd uiteindelijk een compromis gesloten. Ironisch genoeg in het hol van de leeuw: Hilversum, waar Anna geregeld moet vergaderen en Robbie ook nog wel eens rondwandelt. Gebroederlijk zitten ze in de kantine van het VPRO-gebouw in het Mediapark. Ze zijn net op de foto gegaan en Robbie verteld over de fotosessie die ze net hebben gehad.

BLVD: “Ben jij veel met je uiterlijk bezig?”

Muntz: “Dat niet, maar een foto moet wel kloppen. Ze hebben voor het NRC eens een foto van mij en mijn compagnon Paul Jan van de Wint gemaakt, waar we achterlijk op stonden. Het was ergens buiten en we hadden twee bezemstelen in ons hand, het sloeg helemaal nergens op. Maar die foto kom je jaren later nog in bladen tegen. Dat wil ik niet meer. Tegenwoordig zorg ik ervoor dat ik het zelf in de hand heb.”

BLVD: “Ben jij je ook bewust van hoe je wordt geportretteerd, Anna?”

Visser: “Dat valt wel mee. Ik heb een ongelooflijke hekel aan op de foto gaan. Ik vind het veel gedoe. Visagie en dat soort toestanden. En eigenlijk vind ik het een beetje eng. Maar ik doe het wel. Kort geleden heb ik uitgebreid geposeerd voor een zakenblad.”

BLVD: “Waarom heb je dat toch gedaan?”

Visser: “Het leek me geestig, vooral omdat De Nieuwe Omroep vaak wordt gezien als heel links. Iemand omschreef ons laatst zelfs als een Volkert van de G.-omroep. Dus vond ik het wel humor om in een rechts blaadje te gaan staan.”

Muntz: “Dat is wel humor, ja. Zijn jullie echt links?”

Visser: ”Dat valt wel mee. Je krijgt al gauw dat stempel als je programma’s wilt maken over onderwerpen als milieu of ontwikkelingshulp. En dat is wel wat we gaan doen natuurlijk.”

Muntz: ”Jij bent daar toch de baas geworden omdat je zulke goede vriendjes met Aad van den Heuvel bent?”

Visser: “Wat? Nee hoor, zo zat het helemaal niet. Ik ben er ook niet bijgekomen omdat ik een achtergrond heb in ontwikkelingswerk. Ik heb gewoon de toneelschool gedaan en daarna ben ik programmamaker geworden. Aad van de Heuvel heeft De Nieuwe Omroep

Mede opgezet omdat hij een omroep wilde die programma’s maakte die echt ergens over gingen, over de wereldproblematiek zeg maar, programma’s die er toe deden, vaak met een idealistische signatuur. Maar Aad ging uiteindelijk weg en toen was er geen directeur meer. Ik was sinds 2001 hoofdredacteur internet en toen De Nieuwe Omroep weer leden moest werven en een nieuwe aanvraag bij de staatssecretaris mocht indienen ben ik directeur en hoofdredacteur geworden.”

BLVD: ” Vond je het niet eng om in de voetsporen te treden van Van den Heuvel?”

Visser: “Nee hoor, maar ik ben een beetje bang dat mensen een verkeerd beeld hebben van wat wij gaan doen. Een deel van onze leden is misschien vrij serieus, maar ik wil absoluut geen zware programma’s brengen. Ik vind juist dat je moeilijke onderwerpen in humor moet verpakken.”

BLVD: “Hoe dan?”

Visser: “Wat Ali G. doet, vind ik geweldig. Hij stelt rare vragen aan mensen en weet ze daardoor echt van hun stuk te brengen. Ook films als Super Size Me, een documentaire waarin de maker een maand lang alleen maar McDonald’s eten de gevolgen voor zijn gewicht in kaart brengt, passen heel goed bij ons. Het is op een luchtige manier gegaan, maar intussen wordt wel het reilen en zeilen van de fastfood-industrie aan de kaak gesteld.”

BLVD: ”Heb jij iets met dat ideologische van De Nieuwe Omroep, Robbie?”

Muntz: “Zeker, meer nog dan men waarschijnlijk van me zal verwachten. Ik doe misschien wel provocerend en er mag om me gelachen worden, maar ik wil wel degelijk iets zeggen met mijn programma’s. Ik wil het alleen niet op een conventionele manier doen.”

BLVD: “Noem eens een maatschappelijk betrokken programma dat je hebt gemaakt?”

Muntz: “ WE heb eens een aflevering gewijd aan jagen in Afrika. Daarvoor ben ik een weekend als jager meegegaan met een stel mensen die op een landgoed op wilde dieren gingen schieten. Die dieren waren trouwens gewoon gekocht door de eigenaar van het landgoed, dus het sloeg helemaal nergens op. Ga je jagen op een buffel die gisteren gewoon nog te koop werd aangeboden op de markt... Maar goed, je kunt daarover natuurlijk een bloedserieus programma maken waarin je zegt hoe schandalig het allemaal is, maar dat wil ik niet, dat raakt niemand. Als ik met die mensen mee ga doen, denken de kijkers pas echt: ‘Wat is dit walgelijk.’.”

BLVD: “Participerende journalistiek?”

Muntz: “Zoiets ja, maar wel met een vette knipoog. Aan het eind van het programma zie je een giraf en hoor je mij zeggen dat ik giraffen echt belachelijke, vervelende, nare beesten vind. Vervolgens hoor je mij schieten en gaat het beeld op zwart. Even later sta ik in beeld met naast me een opgezet giraffenhoofd en is het dus net alsof ik dat beest echt heb doodgeschoten. (plotseling uitroepend) Wat een reacties we daar niet op hebben gehad! We kregen én de jagersbond achter me aan, die het een schande vonden dat ik jagers zo had neergezet. Én de dierenbescherming was woedend natuurlijk. Dat is toch geweldig? Dat je twee tegenover elkaar staande partijen zo over de rooie krijgt?”

BLVD: “Maar heeft het wel effect? Jaag je mensen niet weg op die manier?”

Muntz: “Misschien maar er blijven er ook heel veel kijken en ik geloof wel dat dit soort televisie in ieder geval bij ze blijft hangen.”

BLVD: “Maar jij en Paul Jan hebben inmiddels zo veel provocerends gedaan dat jullie amper nog aan zendtijd kunnen komen.”

Muntz:

Dat is correct maar gelukkig zijn er altijd weer mensen die de waarde van onzer porgramma’s weten te waarderen en ons zendtijd geven.

We zijn nu bezig met een programma met de titel “God bestaat niet.” Daarin willen we het over het geloof hebben.

BLVD: “Maar is het inmiddels rond dat jullie het kunnen gaan maken?”

MUNTZ: “Ja, maar het blijft elke keer weer gedoe.”

Gelukkig heb ik voor mijn radioprogramma De Inburgerking een Nipkowschijf gekregen.   Maar deze serie ging niet echt van harte.  Ze zijn  zo laf joh, in Hilversum, het is echt te triest.”

BLVD: “Merk jij dat ook, Anna?”

Visser: “Jawel. De hele omroeppolitiek,  daar begrijp ik soms helemaal niets van. Ik ben nu heel veel aan het vergaderen met allerlei omroepen en zendercoördinatoren over wat wij precies in het publieke bestel gaan doen en af en toe val ik echt om als ik hoor wat voor regeltjes er allemaal zijn.”

BLVD: “Noem eens wat?”

Visser: “Wij zitten bijvoorbeeld met ons kantoor in Rotterdam. Dat is de stad waar ik vandaan kom, dus waarom zou ik daar niet blijven? Ik sta liever twee keer per week in de file om te vergaderen in Hilversum dan iedere dag, simpel. Bovendien wil ik ook niet hier op het mediapark gaan zitten, zo gezellig allemaal op een kluitje. Wij willen juist buiten dat establishment staan. Dat kan ook prima, maar nu hoorde ik laatst dat we verplicht zijn al onze radio-uitzendingen uit Hilversum te laten komen. Dat is technisch nergens voor nodig en toch moet het. Terwijl er wel programma’s uit Amsterdam komen, maar dat is omdat veel van de gasten van die programma’s zogenaamd uit Amsterdam komen. Dat is toch waanzin?”

Muntz: “Maar dat ga je toch niet pikken zeker?”

BLVD: “Heeft het zin om daar tegenin te gaan?”

Visser: “Waarschijnlijk niet, maar het laatste woord is er nog niet over gesproken.”

BLVD: “Je bent net 30 en je zit tegenover mensen die stukken ouder zijn. Raak je daardoor snel geïmponeerd?”

Visser: “De gemiddelde leeftijd van een omroepdirecteur is inderdaad een jaar of zestig ofzo, maar ik merk niet dat er op mij wordt neergekeken. Dat heeft ook weinig zijn, want we zijn inmiddels toegelaten in het bestel, dus ze kunnen niet om ons heen.”

BLVD: “Wat vind jij ervan dat er een nieuwe omroep komt, Robbie?”

Muntz: “Geweldig! Vanaf de dag dat ik het foldertje in de bus kreeg, nog uit de tijd van Van den Heuvel, ben ik lid. Serieus. Ik ben ontzettend blij met nieuwe initiatieven in het publieke bestel, want momenteel is het echt om te huilen. Geen enkele omroep is nog vernieuwend bezig, zelfs BNN niet. Die hebben een Katja Schuurman als boegbeeld, maar wat gebeurt er dan verder? De meeste programma’s zijn van een ontstellende braafheid.”

BLVD: “Denk je dat Anna het heel anders gaat doen?”

Muntz: “Ja, dat geloof ik wel. Wat heel erg voor haar pleit is dat ze zelf programmamaker is. Vroeger werden omroepen altijd geleid door programmamakers maar dat is al lang niet meer zo. Nu nemen ze een baas van een rioolreinigingsbedrijf of een bankdirecteur en die gaat de omroep dan runnen.”

BLVD: “De pakken hebben Hilversum overgenomen?”

Muntz: “Precies. Het vervelende is dat daardoor de echt goede programmamakers niet meer aan de bak komen. De hele lichting van Waskracht van de VPRO is inmiddels verdwenen of kan nauwelijks nog doen waar ze goed in is. En jonge mensen hebben helemaal geen kans.”

Visser: “Dat klopt, daarom wil ik bij  De Nieuwe Omroep een tak opzetten waar jongeren  kunnen worden opgeleid en de mogelijkheid krijgen om programma’s te maken.”

BLVD: “Dat klinkt allemaal ambitieus, maar hoe groot wil je wel niet worden?”

Visser: “Niet te groot, hoor. Ik zie hier omroepen waar zestig mensen werken. Zestig! Ik moet er niet aan denken dat ik die allemaal moet managen. Ik geloof ook helemaal niet dat dat nodig is. Ik houd het liever wat kleinschaliger. Ik wil een aantal zeer goede mensen in dienst hebben en verder werken met freelancers. Als ik al die mensen een vast contract geef en het gaat niet goed met de omroep, dan is dat een veel te zware belasting.”

Muntz: “Die fout hebben ze in Hilversum inderdaad gemaakt, En nu hebben ze geen idee hoe ze van al die mensen afkunnen.”

BLVD: “Maar als het zo rot is bij de publieke omroep, waarom ga je dan niet naar de commerciëlen, Robbie?”

Muntz: “Omdat het daar nog veel erger is! Ik heb eens gepraat over een programmaserie bij Veronica. Hartstikke leuk, daar zou ik reportages voor gaan maken. Het moest wel een beetje heftig zijn, maar dat leek me geen probleem. Dus ik had bedacht dat het wel aardig zou zijn als ik zou gaan infiltreren bij de Klu Klux Klan. Dat ik gewoon een paar weken lid zou worden van die club en dan zou filmen hoe ze me wilden leren hoe je een neger moet martelen enzo. Wat denk je dat die Veronica-baas zegt? “Onze kijkers hebben geen idee wat de Klu Klux Klan is, dus daar beginnen we niet aan.””

Visser: “Oh, dat is wel heel erg, zeg.”

BLVD: “En bij de publieken mag je het niet maken, omdat ze het te provocerend vinden zeker. Zou zo’n programma wel bij De Nieuw Omroep kunnen?”

Visser: “Dat zou ik me zomaar voor kunnen stellen. Ik ben niet zo voorzichtig. Laatst had iemand een voorstel voor een programma met de titel “Kutmarokkaan”. Dat wil ik meteen hebben.”

BLVD: “Vind je Robbie goed?”

Visser: “Ja, hoewel hij wel af en toe over de rand gaat. Ik weet niet of het zin heeft een Hitlerimitatie te geven. Het risico is te groot dat mensen dan het programma niet uitzien, omdat ze uit ergernis meteen wegzappen. Dat vind ik zonde. Maar ik vind het interessant dat hij wel op de grens durft te balanceren. Dat is wat wij straks ook willen.”

BLVD: “Stel dat we hier over vijf jaar weer zitten. Hoe staan jullie er dan voor?”

Muntz: “Dan probeert ze met haar omroep wanhopig het hoofd boven water te houden en is ze hier op het mediapark constant met allemaal bazen, managers en coördinatoren in gevecht. En ik zit ergens in een heel klein kamertje in de kelder en roep af en toe als de dorpsgek iets naar boven, haha. Nou ja, dat is mijn vrolijke scenario.”

Visser: “Ik durf niet zo ver vooruit te kijken. Over een paar jaar hebben we nog veel meer leden nodig om überhaupt te mogen bestaan, maar daar ga ik me nu geen zorgen over maken. Ik ben  niet zo’n piekeraar,  eerst moeten we maar eens zien dat we een fantastische programmering hebben.”

BLVD: “Wie weet worden jullie wel heel groot en sta je opeens aan het hoofd van een enorme organisatie met een eigen gebouw op het Mediapark en behoor je helemaal tot het establishment waar je je nu nog tegen afzet.”

Visser: “Ik denk het niet, hoor, dat kan ik me echt niet voorstellen. Maar het kan natuurlijk zo zijn dat we flink groeien. Dan moet ik er wel voor zorgen dat alles een beetje behapbaar voor me blijft. Ik kan me nu al niet voorstellen hoe het is om de baas over twintig man te zijn.”

Muntz: “Zorg er in ieder geval in godsnaam voor dat je het leuk blijft vinden. Er zullen vast heel veel types komen die gaan proberen de poten onder je stoel vandaan te zagen. Je moet wel alert zijn, hoor. En je niet laten naaien.”

Visser: “Goed, afgesproken.”

BLVD: “Zou jij niet voor haar willen werken, Robbie?”

Muntz: ‘Heel graag. Ik denk dat wij maar eens met elkaar moeten gaan praten over een programma.”

Visser: “Lijkt me een goed plan. Sterker nog, wat dacht je ervan om meteen de agenda’s te trekken?”

Maart 2005

 


BLVD - december 1999